Dat sulfiet in de wijn bij de consument een allergie kan veroorzaken, wisten we al. Ongeveer 8 % van het mensdom heeft last van zo’n reactie. Maar die valt maar in 12,5 % van de gevallen aan sulfiet toe te schrijven. Hoe zit het dan met de rest? Op die vraag denkt dr. Guiseppe Pelmisano van de Universiteit van Zuid Denemarken nu een antwoord te hebben gevonden. Het merendeel van de wijnallergieën ontstaat uit een combinatie van suiker en proteïne. Lees wat erover werd gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Journal of Proteome Reseach :
“One of life’s sadder statistics is that about 8% of people get sneezy and stuffy-headed after drinking wine. This mild allergic reaction is often blamed on preservative chemicals called sulphites, but they are responsible for only an eighth of cases. The reason for the rest is obscure. Giuseppe Palmisano of the University of Southern Denmark, however, thinks he knows the answer.
As he and his colleagues report in the Journal of Proteome Research, the culprits are glycoproteins—compounds composed, as their name suggests, of sugar and protein. That is not a complete surprise. Glycoproteins are implicated in several other allergies. But Dr Palmisano thinks he has identified the ones specific to wine.
To do so he started with a cheeky little chardonnay, treated it with ice-cold trichloroacetic acid and ethanol to precipitate any glycoproteins, then digested those glycoproteins into smaller molecules called peptides that can be analysed by mass spectroscopy. He screened the results against a database of known allergenic proteins. Three stood out. One is similar to allergenic proteins found in latex and pears. Another looks like a second latex protein and an olive protein, both known allergens. The third resembles one of the most rampant allergens of them all, a ragweed protein that causes hay fever.
Whether winemakers will be able to act on this knowledge is moot. But it might be possible to tweak the production process to reduce the presence of the allergens. In any case, you can now blame that stuffy feeling that comes after drinking on glycoproteins, not alcohol. Honest.”
zondag 12 december 2010
zaterdag 11 december 2010
‘Minerale’ wijnsmaak niet altijd mineraal
Italiaanse wijnen van vulkanische bodem. Daarover werd onlangs een seminar met proeverij gehouden in Amsterdam, waarover wij eerder hebben bericht. Prof. Attilio Scienza ging daar nader in op de relatie tussen mineraliteit en andere aroma’s in die wijnen. Maar heeft wat wij denken als mineraal ( geen aroma maar wel puur) te moeten benoemen altijd een minerale oorsprong? Als we praten over ‘mineraliteit’, of ‘goût de terroir', dan zijn we van de herkomst niet zo zeker. Gaat het om zwavel-verbindingen of problemen met stikstof, zoals wijnboeren zelf nogal eens opperen? Collega Han Sjakes vatte wat hij ervan kon achterhalen samen in een column die eerder in een vakblad verscheen. We vinden de kern van de inhoud prikkelend genoeg om ook de bezoekers van www.wijnwijs.eu daarvan kennis te laten nemen:
“De wortels van een wijnplant halen geen aroma’s uit de grond, zoals wel eens wordt beweerd. ‘Bodemexpressie’ of ‘terroirexpressie’ kan geen rechtstreeks verband zijn tussen mineralen in de bodem en minerale aroma’s in wijn.
“Een wijn smaakt niet naar de bodem waarop de druivenplant heeft gegroeid”, heeft Kees van Leeuwen, ‘wijnprofessor’ aan de Universtiteit van Bordeaux en werkzaam voor Château Cheval Blanc meer dan eens gezegd.
Van Leeuwen heeft grondig onderzoek gedaan naar de relatie tussen bodemkenmerken en de kwaliteit van wijn. De waterhuishouding en het stikstofgehalte spelen een belangrijke rol. Stikstofarme grond en een beetje ‘waterstress’ (watertekort) die de groeikracht beperken, is goed voor de druiven. Rotsige, kalksteenrijke en vulkanische bodemsoorten zorgen voor deze gunstige omstandigheden.
Deze bodemsoorten brengen goede wijn voort. Daarbij kan het zijn dat we die kwaliteit in de geur en smaak herkennen aan aroma’s die we omschrijven als ‘mineraal’, maar die aroma’s worden niet veroorzaakt door de aanwezigheid van mineralen in de wijn.
Toch ruikt Chablis soms naar ‘natte kiezelsteentjes’ en een Pouilly-Fumé naar vuursteen. Er zijn in wijn stoffen gevonden zoals methoxypyrazines met aroma’s die lijken op onder andere groene paprika (bijvoorbeeld in Cabernet Sauvignon). Iets dergelijks is voor minerale aroma’s (nog) niet gevonden.
Of toch wel? Op de wijnbeurs Borsa Vini onlangs in Amsterdam woonde ik een seminar bij over Italiaanse wijnen van vulkanische bodem. Professor Attilio Scienza van de Universiteit van Milaan verklaarde de relatie tussen de mineraalrijke vulkaanbodems en de aroma’s in de wijn als volgt.
In de druivenschil zit caroteen (of carotenoïden), een kleurstof die de druiven beschermt tegen fel zonlicht. Afgeleide stoffen hiervan (zoals beta-caroteen) vormen tijdens de fermentatie nor-isoprenoïden (aromastoffen). Dit is een enzymatisch proces waarbij mineralen een belangrijke rol spelen. Voilà.
Mogelijk zijn nor-isoprenoïden de aromastoffen die wij omschrijven als ‘mineraliteit’. De tijd zal het leren, want er wordt nog volop onderzoek gedaan naar deze stoffen”.
“De wortels van een wijnplant halen geen aroma’s uit de grond, zoals wel eens wordt beweerd. ‘Bodemexpressie’ of ‘terroirexpressie’ kan geen rechtstreeks verband zijn tussen mineralen in de bodem en minerale aroma’s in wijn.
“Een wijn smaakt niet naar de bodem waarop de druivenplant heeft gegroeid”, heeft Kees van Leeuwen, ‘wijnprofessor’ aan de Universtiteit van Bordeaux en werkzaam voor Château Cheval Blanc meer dan eens gezegd.
Van Leeuwen heeft grondig onderzoek gedaan naar de relatie tussen bodemkenmerken en de kwaliteit van wijn. De waterhuishouding en het stikstofgehalte spelen een belangrijke rol. Stikstofarme grond en een beetje ‘waterstress’ (watertekort) die de groeikracht beperken, is goed voor de druiven. Rotsige, kalksteenrijke en vulkanische bodemsoorten zorgen voor deze gunstige omstandigheden.
Deze bodemsoorten brengen goede wijn voort. Daarbij kan het zijn dat we die kwaliteit in de geur en smaak herkennen aan aroma’s die we omschrijven als ‘mineraal’, maar die aroma’s worden niet veroorzaakt door de aanwezigheid van mineralen in de wijn.
Toch ruikt Chablis soms naar ‘natte kiezelsteentjes’ en een Pouilly-Fumé naar vuursteen. Er zijn in wijn stoffen gevonden zoals methoxypyrazines met aroma’s die lijken op onder andere groene paprika (bijvoorbeeld in Cabernet Sauvignon). Iets dergelijks is voor minerale aroma’s (nog) niet gevonden.
Of toch wel? Op de wijnbeurs Borsa Vini onlangs in Amsterdam woonde ik een seminar bij over Italiaanse wijnen van vulkanische bodem. Professor Attilio Scienza van de Universiteit van Milaan verklaarde de relatie tussen de mineraalrijke vulkaanbodems en de aroma’s in de wijn als volgt.
In de druivenschil zit caroteen (of carotenoïden), een kleurstof die de druiven beschermt tegen fel zonlicht. Afgeleide stoffen hiervan (zoals beta-caroteen) vormen tijdens de fermentatie nor-isoprenoïden (aromastoffen). Dit is een enzymatisch proces waarbij mineralen een belangrijke rol spelen. Voilà.
Mogelijk zijn nor-isoprenoïden de aromastoffen die wij omschrijven als ‘mineraliteit’. De tijd zal het leren, want er wordt nog volop onderzoek gedaan naar deze stoffen”.
vrijdag 10 december 2010
Diplomaat steelt dure wijn
Wegens ‘gedrag dat een Franse diplomaat niet past’ is Marc Fonbaustier (46) van zijn post in Hong Kong ontheven. Hij had bij de ambassade de rang van tweede adviseur. De man is teruggeroepen naar Parijs omdat hij twee peperdure flessen Bordeaux had ontvreemd uit de Hong Kong Country Club, een ontmoetingsplaats voor de elite van de stad. Dat meldt de South China Morning Post vandaag. Ambtenaren in Peking drongen op maatregelen tegen de Fransman aan, nadat bewakingscamera’s de diefstal van de eerste fles hadden vastgelegd. Het onderzoek liep nog, toen Fonbaustier voor de tweede met een fles onder z’n jas uit de club verdween. De man had in Hong Kong al minder krediet vanwege zijn losse levenswandel. Parijs vond dat de maat nu wel vol was. De diplomaat pikte geen eenvoudige wijnen, maar flessen die ‘duizenden dollars’ waard waren. Hij is inmiddels in Hong Kong vervangen.
Robots met siliconen voetjes, een unieke uitvinding voor de portindustrie
In Portugal, het enige land waar Port gemaakt mag worden, heeft de uitvinding van ‘robotic lagares’ door Graham’s een serieuze bijdrage geleverd aan de portindustrie.
Van oudsher worden de druiven voor het maken vanport met de voeten getreden. Voor dit enorm arbeidsintensieve proces zijn in de Douro, de streek waar port geproduceerd wordt, steeds minder mensen beschikbaar. Het treden is echter een zeer belangrijk onderdeel in het proces van port maken. Met het oog op de toekomst en uiteindelijk het behoud van de portindustrie, heeft Graham’s - een van de grote portmerken - een unieke machine ontwikkeld: de ‘robotic lagar’. Het is dit jaar tien jaar geleden dat de eerste ‘robotic lageres’ ter wereld door Graham’s in gebruik werden genomen. De granieten bakken waarin de druiven van oudsher werden getreden, zijn vervangen door RVS en de temperatuur is beheersbaar. De lagares zijn kantelbaar, zodat na afloop de schillen en de pitjes er niet met de hand uitgeschept hoeven te worden. Maar het belangrijkste zijn de vele siliconen voetjes onderaan de grote platen, die dezelfde druk geven als de menselijke voet en waarvan de temperatuur met de computer geregeld kan worden. Dezelfde computer regelt ook het ritme waarmee de platen de druiven treden en zo blijft dankzij een bijzondere innovatie de kwaliteit van port gewaarborgd.
Port wordt op een andere manier gemaakt dan gewone rode wijn. De druiven, die door de steile hellingen met de hand worden geplukt, komen terecht in ‘lagares’. Dit zijn grote open bakken van graniet of cement, die ongeveer 70 cm hoog zijn. Van oudsher werden de druiven hierin met de voeten getreden. Een enorm arbeidsintensief en vermoeiend gebeuren, want na een zware plukdag moesten de plukkers ’s avonds de druiven ook nog treden. Arm in arm in een bepaald ritme door de druivenmassa. Dit is niet alleen om de druiven te persen, maar ook om de schillen en de pitjes steeds weer onder te dompelen, waardoor in korte tijd zoveel mogelijk kleur en extract uit de druiven verkregen wordt. Het treden gebeurt door mensenvoeten omdat op deze manier de pitjes in de druiven, die bittere tonen aan de wijn zouden kunnen geven, niet kapot gaan.
Graham’s, de uitvinder van de ‘robotic lagares’ is één van de grote merken in port en is in kwaliteit en reputatie vergelijkbaar met de grote namen in de Champagne. Een huis ook met een lange historie en dat nog steeds een volledig familiebedrijf is. Al bijna 200 jaar wordt Graham’s Port gemaakt door slechts twee families, de Grahams en de Symingtons.
Van oudsher worden de druiven voor het maken vanport met de voeten getreden. Voor dit enorm arbeidsintensieve proces zijn in de Douro, de streek waar port geproduceerd wordt, steeds minder mensen beschikbaar. Het treden is echter een zeer belangrijk onderdeel in het proces van port maken. Met het oog op de toekomst en uiteindelijk het behoud van de portindustrie, heeft Graham’s - een van de grote portmerken - een unieke machine ontwikkeld: de ‘robotic lagar’. Het is dit jaar tien jaar geleden dat de eerste ‘robotic lageres’ ter wereld door Graham’s in gebruik werden genomen. De granieten bakken waarin de druiven van oudsher werden getreden, zijn vervangen door RVS en de temperatuur is beheersbaar. De lagares zijn kantelbaar, zodat na afloop de schillen en de pitjes er niet met de hand uitgeschept hoeven te worden. Maar het belangrijkste zijn de vele siliconen voetjes onderaan de grote platen, die dezelfde druk geven als de menselijke voet en waarvan de temperatuur met de computer geregeld kan worden. Dezelfde computer regelt ook het ritme waarmee de platen de druiven treden en zo blijft dankzij een bijzondere innovatie de kwaliteit van port gewaarborgd.
Port wordt op een andere manier gemaakt dan gewone rode wijn. De druiven, die door de steile hellingen met de hand worden geplukt, komen terecht in ‘lagares’. Dit zijn grote open bakken van graniet of cement, die ongeveer 70 cm hoog zijn. Van oudsher werden de druiven hierin met de voeten getreden. Een enorm arbeidsintensief en vermoeiend gebeuren, want na een zware plukdag moesten de plukkers ’s avonds de druiven ook nog treden. Arm in arm in een bepaald ritme door de druivenmassa. Dit is niet alleen om de druiven te persen, maar ook om de schillen en de pitjes steeds weer onder te dompelen, waardoor in korte tijd zoveel mogelijk kleur en extract uit de druiven verkregen wordt. Het treden gebeurt door mensenvoeten omdat op deze manier de pitjes in de druiven, die bittere tonen aan de wijn zouden kunnen geven, niet kapot gaan.
Graham’s, de uitvinder van de ‘robotic lagares’ is één van de grote merken in port en is in kwaliteit en reputatie vergelijkbaar met de grote namen in de Champagne. Een huis ook met een lange historie en dat nog steeds een volledig familiebedrijf is. Al bijna 200 jaar wordt Graham’s Port gemaakt door slechts twee families, de Grahams en de Symingtons.
donderdag 9 december 2010
Wijn als geneesmiddel
Wijn komt weer eens in beeld als geneesmiddel. Deze keer opnieuw tegen Alzheimer. Wat de ene groep wetenschappers als het begin van een ‘doorbraak’ in de bestrijding van deze hersenaandoening beschouwt, kraakt de andere weer af. Niettemin blijven de bekritiseerden overtuigd van hun gelijk. Ze beweren het volgende:
Chemische stofjes in rode wijn, geelwortel en het huidje van de appel kunnen Alzheimer tegengaan. Stofjes in Franse frietjes, uitlaatgassen en sigarettenrook dragen op hun beurt bij aan de ontwikkeling van Alzheimer. De omstreden uitspraken verschijnen toegelicht in het wetenschappelijke tijdschrift Journal of Neurochemistry.
Volgens de wetenschappers is een groep chemicaliën – type-2 alkenen genoemd – verantwoordelijk voor het ontwikkelen van Alzheimer. De stofjes komen namelijk veelvuldig voor in de omgeving en het brein van Alzheimerpatiënten. Onderzoeker Richard LoPachin en zijn team hebben al een medicijn ontwikkeld dat – in ieder geval in petrischaaltjes – alkenen opslurpt en zenuwcellen beschermt.
De aanname dat alkenen de drijvende kracht achter Alzheimer zijn, is een radicale gedachte. “Iemand anders zou misschien zeggen dat ik gek ben,” meent LoPachin. “We weten dat mensen voortdurend aan type-2 alkenen worden blootgesteld, maar niemand heeft ooit de mogelijkheid overwogen dat type-2 alkenen in de omgeving betrokken kunnen zijn bij Alzheimer. Het is een heel nieuwe theorie.”
Uit eerdere onderzoeken bleek al dat wie aan Alzheimer lijdt in het brein type-2 alkenen produceert. Chemicaliën uit de groep met alkenen komen bovendien voor in uitlaatgassen, sigarettenrook, industriële gebieden en zelfs in friet. LoPachin redeneert dat Alzheimerpatiënten simpelweg aan teveel chemicaliën worden blootgesteld. Wanneer hun brein ze al aanmaakt en ze dan ook nog eens in aanraking komen met alkenen in hun omgeving, wordt de ontwikkeling en voortgang van de ziekte versneld.
Als LoPachin gelijk heeft, is de oplossing vrij eenvoudig: alkenen verwijderen. En daar werkt de wetenschapper hard aan. Want het verwijderen van alkenen zou niet alleen Alzheimer, maar ook de ziekte van Parkinson, schade aan het ruggenmerg en beroertes tegengaan. LoPachin en zijn team gingen er mee aan de slag en namen de chemische stofjes uit druiven, geelwortel en het appelhuidje. Deze stofjes hebben allemaal een vergelijkbare chemische structuur, maar worden niet gemakkelijk door het lichaam opgenomen. Bovendien zijn de stofjes in grote hoeveelheden giftig.
De onderzoekers hebben daar wat op bedacht: ze gebruikten de chemische stofjes om een nieuwe stof te maken: 2-ACP. De eerste studies zijn veelbelovend. Het goedje slurpt alkenen op en beschermt de zenuwcellen.
Tegelijkertijd is er ook reden tot zorg: als LoPachin gelijk heeft en Alzheimer een impuls krijgt door allerlei chemische stofjes die in de lucht zitten, zal het aantal gevallen rap toenemen. Expert D. Allan Butterfield maakt zich daar geen zorgen over. Hij is niet overtuigd dat Alzheimer door alkenen wordt veroorzaakt of versneld. “Er is geen bewijs dat de alkenen Alzheimer veroorzaken.” Ook over de behandeling die LoPachin voorstelt, heeft hij twijfels. “Als je de concentratie van moleculen, zoals curcumine in geelwortel, langzaamaan vergroot dan heeft dat altijd voordelen. Maar op een bepaald punt is er een duidelijk afname te zien en gaat de curcumine schade aanbrengen. Het therapeutische en schadelijke niveau zijn niet zo ver van elkaar verwijderd. Men moet heel, heel voorzichtig zijn.”
LoPachin laat zich niet uit het veld slaan en is optimistisch. Hij benadrukt dat er nog wel veel onderzoek moet worden gedaan. Ook de experimenten – eerst op dieren en daarna op mensen – nemen nog een aantal jaren in beslag. Niettemin kan dit wel eens een doorbraak worden.
Chemische stofjes in rode wijn, geelwortel en het huidje van de appel kunnen Alzheimer tegengaan. Stofjes in Franse frietjes, uitlaatgassen en sigarettenrook dragen op hun beurt bij aan de ontwikkeling van Alzheimer. De omstreden uitspraken verschijnen toegelicht in het wetenschappelijke tijdschrift Journal of Neurochemistry.
Volgens de wetenschappers is een groep chemicaliën – type-2 alkenen genoemd – verantwoordelijk voor het ontwikkelen van Alzheimer. De stofjes komen namelijk veelvuldig voor in de omgeving en het brein van Alzheimerpatiënten. Onderzoeker Richard LoPachin en zijn team hebben al een medicijn ontwikkeld dat – in ieder geval in petrischaaltjes – alkenen opslurpt en zenuwcellen beschermt.
De aanname dat alkenen de drijvende kracht achter Alzheimer zijn, is een radicale gedachte. “Iemand anders zou misschien zeggen dat ik gek ben,” meent LoPachin. “We weten dat mensen voortdurend aan type-2 alkenen worden blootgesteld, maar niemand heeft ooit de mogelijkheid overwogen dat type-2 alkenen in de omgeving betrokken kunnen zijn bij Alzheimer. Het is een heel nieuwe theorie.”
Uit eerdere onderzoeken bleek al dat wie aan Alzheimer lijdt in het brein type-2 alkenen produceert. Chemicaliën uit de groep met alkenen komen bovendien voor in uitlaatgassen, sigarettenrook, industriële gebieden en zelfs in friet. LoPachin redeneert dat Alzheimerpatiënten simpelweg aan teveel chemicaliën worden blootgesteld. Wanneer hun brein ze al aanmaakt en ze dan ook nog eens in aanraking komen met alkenen in hun omgeving, wordt de ontwikkeling en voortgang van de ziekte versneld.
Als LoPachin gelijk heeft, is de oplossing vrij eenvoudig: alkenen verwijderen. En daar werkt de wetenschapper hard aan. Want het verwijderen van alkenen zou niet alleen Alzheimer, maar ook de ziekte van Parkinson, schade aan het ruggenmerg en beroertes tegengaan. LoPachin en zijn team gingen er mee aan de slag en namen de chemische stofjes uit druiven, geelwortel en het appelhuidje. Deze stofjes hebben allemaal een vergelijkbare chemische structuur, maar worden niet gemakkelijk door het lichaam opgenomen. Bovendien zijn de stofjes in grote hoeveelheden giftig.
De onderzoekers hebben daar wat op bedacht: ze gebruikten de chemische stofjes om een nieuwe stof te maken: 2-ACP. De eerste studies zijn veelbelovend. Het goedje slurpt alkenen op en beschermt de zenuwcellen.
Tegelijkertijd is er ook reden tot zorg: als LoPachin gelijk heeft en Alzheimer een impuls krijgt door allerlei chemische stofjes die in de lucht zitten, zal het aantal gevallen rap toenemen. Expert D. Allan Butterfield maakt zich daar geen zorgen over. Hij is niet overtuigd dat Alzheimer door alkenen wordt veroorzaakt of versneld. “Er is geen bewijs dat de alkenen Alzheimer veroorzaken.” Ook over de behandeling die LoPachin voorstelt, heeft hij twijfels. “Als je de concentratie van moleculen, zoals curcumine in geelwortel, langzaamaan vergroot dan heeft dat altijd voordelen. Maar op een bepaald punt is er een duidelijk afname te zien en gaat de curcumine schade aanbrengen. Het therapeutische en schadelijke niveau zijn niet zo ver van elkaar verwijderd. Men moet heel, heel voorzichtig zijn.”
LoPachin laat zich niet uit het veld slaan en is optimistisch. Hij benadrukt dat er nog wel veel onderzoek moet worden gedaan. Ook de experimenten – eerst op dieren en daarna op mensen – nemen nog een aantal jaren in beslag. Niettemin kan dit wel eens een doorbraak worden.
‘Preventief’ wijn aan tafel
woensdag 8 december 2010
Gratis topwijn drinken
Edward Mackauf, President of FineWineCollector.com buys and sells the finest of investment quality wines. He obtains his fine wines from serious collector/investors many of whom drink these great wines free.
Here is how they do it.
Serious collectors research which wines are mostly likely to appreciate in value. They follow what Mackauf calls the "RAQS"TM system, paying attention to Reputation, Ageing Potential, Quality and Scarcity. With that in mind, their goal is to purchase wine that doubles in value in a reasonable period of time. Once the wine has doubled in value, they can sell half of the case that they purchased for their cost of the entire case, and then enjoy the remaining 6 bottles of great wine for free.
Below, Mackauf gives some examples of wines that have doubled in value and have enabled many of his collectors to drink fine wine for free.
- Ch. Lafite-Rothschild 2003, $400 release price; $1,214 auction average 2010
- Ch. Margaux 2000, $350 release price; $1,102 auction average 2010
- Ch. Lafite-Rothschild 1996, $175 release price; $505 auction average 2006; $1,435 auction average 2010
- Ch. Latour 1996, $225 release price; $864 auction average 2010
- Ch. Margaux 1990, $90 release price; $395 auction average 1999, $1,026 auction average 2010
- Ch. Lafite-Rothschild 1986, $75 release price; $237 auction average 1999, $1,571 auction average 2010
- Ch. Latour 1982, $33 release price; $444 auction average 1999, $1,820 auction average 2010
Although the above list is entirely comprised of great Bordeaux* wines, Mackauf believes that it is equally possible to double one's money with great California cabernets. However, one needs to be prepared to wait approximately 10 years to double your money on a great blue chip wine that you have purchased at a good price (excluding Ch. Lafite-Rothschild which has soared in value in recent years due to the love of this wine by the Chinese**).
Abonneren op:
Posts (Atom)